Meer weten over...

Meer weten over…

Ecologisch Tuinontwerp

Eten uit eigen Tuin (volgt binnenkort)

… Water in de Tuin (volgt binnenkort)

... Ecologisch tuinontwerp

Wat is een Ecologisch Tuinontwerp?

Datum: maart 2023. Tekst:  © Liselot van Och.

Wat is een Ecologisch Tuinontwerp? Om hier een goed antwoord op te geven, is het belangrijk om de context te begrijpen. We duiken de diepte in en staan stil bij een aantal relevante begrippen. Wil je toch liever het korte antwoord, scrol dan verder naar het kopje “ECOLOGISCH TUINONTWERP”.

 

DE BIOLOGIE: ECOLOGIE, ECOSYSTEEM, BIODIVERSITEIT, NATUUR …?

Ecologie is een studie. Het is een tak van de biologie. Een snelle blik op Wikipedia leert je dat het woord ‘ecologie’ afstamt van ‘oikos’ (Oudgrieks voor ‘huishouding’ of ‘omgeving’) en ‘logos’ (Oudgrieks voor ‘woord’, ook wel ‘leer’ of ‘logica’) en dus eigenlijk zoiets betekent als ‘de leer van de omgeving’. Een ecoloog is een hbo of wo geschoolde specialist op het gebied van ecologie en houdt zich bezig met het bestuderen van ecosystemen. 

Een ecosysteem is een vrij ingewikkeld begrip: een ecosysteem is het geheel aan relaties tussen alle “biotische factoren”, oftewel organismen (= levende wezens, zoals planten, dieren, schimmels, etc.) onderling én hun relaties met alle “abiotische factoren”, oftewel milieu (= omgeving, zoals klimaat, water en bodem) die in een bepaald gebied voorkomen (zie ook de afbeelding beneden). Dat gebied kan groot zijn, zoals bijvoorbeeld een bos of meer. Het kan ook een klein afgebakend gebied zijn, zoals bijvoorbeeld een boomstronk of plasje water. Dat klinkt complex – en dat is het ook! – maar het is tegelijkertijd ook heel eenvoudig: binnen een ecosysteem hangt alles met elkaar samen en heeft alles direct of indirect invloed op elkaar. In een meer bijvoorbeeld, bestaan alle vissen, insecten, planten, bacteriën etc. samen met elkaar én met de hoeveelheid regenval, grondsoort, zuurgraad van het water, temperatuur, etc. in een bepaald samenspel, ook wel ‘interactie’ genoemd.                                      Deze interacties zijn gedurende miljoenen jaren evolutie tot stand gekomen en gaan vaak zo ver, dat bepaalde soorten organismen héél specifiek op elkaar en op hun omgeving afgestemd zijn. Een bepaalde rups wil bijvoorbeeld enkel en alleen op een bepaalde soort plant zijn eitjes leggen voor voortplanting, omdat ze zo naar elkaar toe ontwikkeld zijn. Planten en dieren die van nature in een bepaald gebied voorkomen (en daar dus al heel lang in een bepaalde interactie met elkaar bestaan), noemt men inheemse soorten. Deze soorten zijn door hun complexe interactie met andere soorten uit hun omgeving belangrijk voor een stabiel ecosysteem. Over wat nu de exacte definitie van een inheemse soort is, bestaan ingewikkelde discussies.
            Soorten die van nature niet – maar wel door menselijk handelen – in een bepaald gebied voorkomen, noemt men exoten. Over het plaatsen of behouden van exoten moet goed worden nagedacht, want deze soorten kunnen een verstorend effect op een ecosysteem hebben. Ze kunnen er echter ook een verrassende bijdrage aan leveren.
            Een stabiel ecosysteem is een dynamisch evenwicht. Dit betekent dat er binnen een ecosysteem voortdurend van alles verandert, terwijl het ecosysteem als geheel relatief gelijk blijft. Deze veranderingen vinden plaats in de vorm van relaties en interacties tussen organismen, maar ook in de vorm van kringlopen. Dit zijn hoofdzakelijk energiekringlopen (denk aan zonenergie bij fotosynthese), nutriëntenkringlopen (= voedingsstoffen, denk aan de stikstofkringloop) en waterkringlopen (denk aan verdamping, wolken en regenval).
            Tot slot is het belangrijk om te beseffen dat alle verschillende ecosystemen eigenlijk nooit volledig afgesloten zijn van andere ecosystemen, maar ze tot op zekere hoogte met elkaar in contact staan. Enkel van de Aarde als geheel kun je zeggen dat het een gesloten ecosysteem is (én die leuke kleine terrariums in een glazen pot komen aardig in de buurt).

Wat is natuur dan? Daar zijn de meningen over verdeeld, maar je zou kunnen zeggen dat het alles is wat bestaat. Wilde of ongerepte natuur is natuur waar mensen geen invloed op hebben gehad. Deze bestaat in Nederland eigenlijk niet meer, maar plekken waar de natuur ‘haar gang mag gaan’ wel en dat komt denk ik het dichtst in de buurt van wat over het algemeen als natuur wordt gezien.
            Ook hier is het echter weer goed om te realiseren dat de mogelijkheid tot interactie een belangrijk onderdeel van een stabiel ecosysteem is. De ‘natuur’ in Nederland is behoorlijk versnipperd: het bestaat vooral uit kleine stukken groen die van elkaar worden gescheiden door wegen, stukken landbouwgrond en bebouwing. Dit maakt interacties voor soorten met elkaar en met een gebied lastiger.          
            Natuurinclusief betekent dat er bewust ruimte wordt gemaakt voor de natuur en/of voor ‘biodiversiteit’ (zie verderop). Denk aan natuurinclusieve landbouw of natuurinclusief bouwen.

Biodiversiteit (ook wel ‘soortenrijkdom’ genoemd), is de verscheidenheid aan soorten organismen binnen een bepaald gebied of ecosysteem. Hierin telt ook de genetische variatie binnen die soorten mee. Over het algemeen geldt: hoe diverser een systeem is (dus met méér soorten en meer variatie binnen die soorten), hoe stabieler of robuuster dat systeem is. Hierbij geldt wel dat deze soorten goed naast en met elkaar moeten kunnen leven en dat zijn over het algemeen de soorten die een gebalanceerde interactie binnen een ecosysteem hebben; dus veelal de inheemse soorten van dat bepaalde gebied. 

Wat hebben wij aan een robuust systeem? Een ecosysteem levert ons diensten, waarvan de belangrijkste eten is. Daarnaast levert het ons grondstoffen (bijvoorbeeld hout om mee te bouwen), recreatiemogelijkheden (bijvoorbeeld natuurwandelingen en watersport). Verder speelt natuur een belangrijke rol in onze mentale en fysieke gezondheid en heeft het ook een intrinsieke waarde: het mag er gewoon ‘zijn’.
            Het gebruikmaken van ecosysteemdiensten gaat bijna altijd gepaard met verstoringen: ontbossing; bebouwing; gebruik van pesticiden; luchtvervuiling; het introduceren van exoten; klimaatverandering (hittegolven en zware stormen), etc. Met alle bovenstaande kennis kun je beredeneren dat wanneer een ecosysteem heel drastisch verstoord wordt, het in zou kunnen storten, waarna het niet of slechts heel geleidelijk pas weer herstelt. Een robuust systeem is beter bestand tegen verstoring en/of herstelt sneller. (Hetgeen naar mijn mening overigens niet wil zeggen dat we alleen robuuste ecosystemen moeten willen om ze vervolgens beter te kunnen verstoren!)

ECOLOGISCH, BIOLOGISCH, ORGANISCH, …?

Ecologisch betekent met aandacht voor / rekening houdend met organisme en milieu. Organisch  betekent van biologische oorsprong en/of van planten en dieren afkomstig. Biologisch  slaat vooral op de manier waarop iets wordt geproduceerd: rekening houdend met plant en dier. Biologisch lijkt dus veel op ecologisch, al gaat die laatste in theorie nog net een stapje verder. In de praktijk zijn echter enkel ‘biologisch’ en ‘bio’ beschermde termen en worden deze wettelijk vastgelegd door het gebruik van keurmerken, zoals bijvoorbeeld Skal. ‘Organisch’ en ‘ecologisch’ zijn geen wettelijk beschermde termen en kunnen dus makkelijker gebruikt (misbruikt!) worden. Let wel: ook biologisch gecertificeerde kwekers mogen bepaalde bestrijdingsmiddelen gebruiken. Andersom gebruiken niet alle niet-gecertificeerde kwekers bestrijdingsmiddelen. 

Dan hebben we nog het begrip ‘duurzaam’. Duurzaam kan betekenen dat iets (een product, proces of ontwikkeling) bijdraagt en lang meegaat zonder dat het de omgeving nadelig beïnvloedt. Voorbeelden van duurzame keuzes zijn bijvoorbeeld je huis isoleren, lokaal geproduceerde producten kopen, geen wegwerpmaterialen gebruiken, etc. ‘Duurzaam’ wordt ook wel een containerbegrip genoemd dat te pas en te onpas wordt gebruikt, veelal in marketing en reclame. Suggestie: ga af en toe voor jezelf na hoe duurzaam iets dat als ‘duurzaam’ wordt bestempeld, écht duurzaam is…?  

ECOLOGISCH TUINONTWERP

Alles wat bovenstaand is beschreven, kun je tot op zekere hoogte ook in tuinen toepassen. In een tuin (of op een balkon!) kan men ook ecosystemen vinden die in meer of mindere mate stabiel zijn. Een tuin staat direct of indirect in verbinding met andere tuinen of met ‘de natuur’. In een tuin kan veel of weinig biodiversiteit zijn. In een tuin kun je kiezen voor biologische producten of een ecologische werkwijze.

Voor mij is een ecologisch tuinontwerp  een tuinontwerp dat zo is bedacht dat het rekening houdt met het grootste ecosysteem dat we kennen: de Aarde. Dat klinkt nogal ambitieus, maar zoals je hierboven hebt kunnen lezen, hangt alles met elkaar samen en heeft alles direct of indirect invloed op elkaar. Dus ook kleine keuzes kunnen grote impact hebben. Het oppervlak aan tuinen in Nederland schijnt 3 miljard m2 te zijn. Anders gezegd: er is héél veel oppervlakte waar wij invloed op kunnen hebben. Daarnaast gaat het vooral over bewustzijn: begrijpen wat het betekent om onderdeel te zijn van het grote geheel (deze aardbol) en weten dat iedereen zijn steentje kan bijdragen. Het heeft meer impact dan je denkt. 

Tot slot betekent ecologisch tuinieren voor mij een plek creëren waar je je verbonden kunt voelen met natuur. Waar je kunt kijken, ruiken, luisteren, observeren, voelen, vertragen, verwonderen. Verwondering kan groeien in bewondering en wat we bewonderen, koesteren we. Wat we koesteren beschermen we. Wat beschermd is, blijft. En wat blijft kan door mensen na ons worden bewonderd.  

In een ecologisch tuinontwerp wordt zo veel mogelijk rekening gehouden met:

  • ruimte om de natuur zijn gang te laten gaan;
  • materiaalkeuze;
  • plantkeuze;
  • schuil- en nestplekken voor dieren;
  • kringlopen (water en voeding); 
  • de personen die de tuin gaan gebruiken (uiteraard).

Op deze manier ontstaat er een duurzaam geheel. Je zou het ook een natuurinclusief tuinontwerp kunnen noemen.

 

 

 

 

PXL_20220704_094419141

Ecologisch tuinieren gaat over aanleg en onderhoud. Om ecologisch te werken kun je bijvoorbeeld kiezen voor:

  • Inheemse en biologische (of in ieder geval onbespoten) planten en producten (potgrond, tuinaarde, compost, etc.) kopen;
  • Géén gebruik maken van pesticiden en het liefst ook niet van biologische bestrijdingsmiddelen: deze zijn vaak overbodig, halen niets uit of doen onbewust toch meer schade dan goed. In een stabiel systeem (een tuin met veel soorten en een gezonde bodem) komen plagen weinig voor of worden ze vanzelf hersteld;
  • Producten kiezen die het liefst zo min mogelijk turf bevatten, al zijn er eigenlijk nog maar weinig goede alternatieven op de markt (kokosvezel, bijvoorbeeld, is niet perse een duurzamere keuze gezien het productie- en transportproces). Producten van BioKultura zijn één van de betere opties. De beste optie is eigen (of lokaal) gemaakte compost, mits met het juiste groenafval geproduceerd;
  • De boel de boel laten, niet te veel controle en netheid willen (planten rustig laten afsterven in de winter en pas laat in het voorjaar afknippen; bladeren in de borders laten liggen; niet schoffelen maar mulchen (= de bodem met organisch materiaal bedekken), etc.).

Soms moet (of wil) je echter concessies doen. Dat kan te maken hebben met:

  • Geld (biologische producten zijn duurder… maar vaak wel duurzamer!);
  • Esthetiek (sommige planten die eigenlijk weinig bijdragen kun je wel heel erg mooi vinden en graag in je tuin hebben… kies dan voor een goede verhouding nuttige en minder nuttige planten);
  • Onwetendheid (het wel graag goed wíllen doen, maar niet precies weten hoe of verkeerd voorgelicht zijn… vraag hulp!);
  • Beschikbaarheid (de lokale kwekerij verkoopt misschien geen biologisch gecertificeerde producten… maar lokaal gekweekt en onbespoten is minstens net zo goed).

Ga voor jezelf na wat ecologisch tuinieren voor jou betekent en welke keuzes je daarin kan en wil maken.

... Eten uit eigen tuin

Eten uit eigen Tuin

Datum: januari 2025. Tekst:  © Liselot van Och.

Volgt binnenkort…